Belastingaanslagen

Hoewel de Belastingdienst haar uiterste best doet om de stroom van papier in blauwe enveloppen te verminderden zullen de aanslagen op de een of andere manier toch bij u terechtkomen. Dit proces kan vereenvoudigd worden door de aanslagregeling via MANDS te laten verlopen. Wij geven de Belastingdienst door om de belastingaanslagen met ons uit te wisselen zodat wij ook tijdig de aanslagen kunnen controleren en waar nodig actie kunnen ondernemen.

Codes belastingaanslagen

Op de aanslagen die u krijgt staan vaak diverse codes afgedrukt. Een daarvan is het aanslagnummer. Dat is een omschrijving over het soort aanslag, de periode van de aanslag en de belastingplichtige waarvoor de aanslag bedoelt is. Op de site van de belastingdienst is over deze codes weinig te vinden.

Het kan zijn dat u alleen een betalingskenmerk of aanslagnummer van de aanslag heeft, bijvoorbeeld vanaf de acceptgiro of uw bankafschrift. Via de site van de belastingdienst kunt u deze met de rekenhulp omzetten naar een aanslagnummer of betalingskenmerk.

De code van de aanslag ofwel het aanslagnummer begint altijd met een BSN (Burger Service Nummer) of het RSIN (Fiscaal nummer ondernemingen) gevolgd door een letter. De letter geeft aan om welke aanslag het gaat.

A – Loonheffingen, naheffingsaanslag
B – Omzetbelasting
F – Omzetbelasting, naheffingsaanslag
H – Inkomstenbelasting
K – Vermogensrendementsheffing
L – Loonheffingen
M – Motorrijtuigenbelasting
O – Omzetbelasting, teruggave
T – Toeslagen
eindigend op 1 = kinderopvangtoeslag
eindigend op 2 = huur toeslag
eindigend op 3 = zorgtoeslag
V – Vennootschapsbelasting
W – Zorgverzekeringswet
Y – Motorrijtuigenbelasting, naheffingsaanslag
Z – Overige aanslagen

Na de letter vindt u dan het laatste cijfer van het jaar waarop het betrekking heeft.
Dus: 0 verwijst naar 2010; 1 verwijst naar 2011; 2 verwijst naar 2012

Daarna volgt een cijfer welke de nadere aanduiding van de aanslag weergeeft.
0 tot en met 5 Geven de voorlopige aanslagen weer, de eerste tot en met de zesde.
6 Geeft de definitieve aanslag weer.
7 tot en met 9 Geven de naheffingsaanslagen weer, de eerste tot en met de derde.

Vervolgens wordt met cijfers het tijdvak aangeduid

21 = eerste kwartaal
24 = tweede kwartaal
27 = derde kwartaal
30 = vierde kwartaal

01 tot en met 12 geven de maanden januari tot en met december aan.